kredietcalculator.nl

Gids · Krediet 2026

Maandlast berekenen met de annuiteitenformule

Uitleg van de annuiteitenformule waarmee je de vaste maandlast van een lening berekent, met rekenvoorbeelden voor leenbedrag, rente en looptijd.

Foto von Mateusz Viola

Door Mateusz Viola

Beheerder & redactionele verantwoordelijkheid kredietcalculator.nl

8 min Lesezeit Gepubliceerd
Let op: Redactionele inhoud. Een rekentool zonder adviesdoeleinden.

De maandlast in een zin

De maandlast van een lening is het bedrag dat je elke maand betaalt om je schuld af te lossen en de rente te dekken. Bij de meest voorkomende vorm, de annuiteitenlening, is die maandlast voor de hele looptijd gelijk. Dat maakt het rekenen overzichtelijk: je weet vooraf precies welk vast bedrag er elke maand van je rekening gaat. Met onze kredietcalculator reken je dit in seconden uit, maar het helpt om te begrijpen wat er onder de motorkap gebeurt.

Een maandlast bestaat altijd uit twee delen: een stukje rente en een stukje aflossing. De rente is de vergoeding die je de geldverstrekker betaalt voor het lenen, de aflossing is het deel waarmee je je schuld daadwerkelijk kleiner maakt. Bij een annuiteit blijft de som van die twee delen gelijk, terwijl de verhouding ertussen langzaam verschuift.

De annuiteitenformule

De maandlast van een annuiteitenlening bereken je met deze formule:

A = K x r / (1 - (1 + r)^-n)

Hierin staat A voor de maandlast, K voor het leenbedrag, r voor de maandrente en n voor de looptijd in maanden. De maandrente r is simpelweg de jaarrente gedeeld door twaalf. Leen je tegen 6 procent op jaarbasis, dan is r gelijk aan 0,06 / 12 = 0,005 per maand.

De noemer 1 - (1 + r)^-n ziet er ingewikkeld uit, maar zorgt er alleen voor dat het maandbedrag precies zo wordt verdeeld dat de schuld na n maanden exact op nul staat. Je hoeft de formule niet uit het hoofd te kennen; de begrippen erachter staan uitgelegd in de begrippenlijst.

Een rekenvoorbeeld

Stel, je leent 15.000 euro tegen 6 procent jaarrente met een looptijd van 60 maanden. De maandrente is dan 0,005. Ingevuld in de formule levert dat een maandlast van ongeveer 290 euro op. Over 60 maanden betaal je dan in totaal ongeveer 17.400 euro, waarvan circa 2.400 euro rente.

LeenbedragJaarrenteLooptijdMaandlastTotale rente
10.000 euro6%48 mnd235 euro1.270 euro
15.000 euro6%60 mnd290 euro2.400 euro
20.000 euro7%72 mnd341 euro4.560 euro
25.000 euro8%84 mnd390 euro7.760 euro

De cijfers in deze tabel zijn afgerond en indicatief. Ze laten zien dat zowel een hogere rente als een langere looptijd de totale rentekosten flink opdrijven, terwijl de maandlast juist daalt naarmate de looptijd langer wordt.

Het effect van de rente

De rente heeft een groot effect op je maandlast en op de totale kosten. Bij hetzelfde leenbedrag van 15.000 euro en dezelfde looptijd van 60 maanden betaal je bij 4 procent ongeveer 276 euro per maand, bij 8 procent loopt dat op naar ongeveer 304 euro. Dat lijkt een klein verschil per maand, maar over de hele looptijd telt het op tot honderden euro s. Wat je rente bepaalt, lees je in de gids wat bepaalt je rente.

Het effect van de looptijd

Een langere looptijd verlaagt je maandlast, maar verhoogt de totale rente, omdat je langer rente betaalt over een langzamer dalende restschuld. Een kortere looptijd doet het omgekeerde: hogere maandlast, veel minder rente. De kunst is de kortste looptijd te kiezen die comfortabel binnen je budget past. De afweging staat uitgebreid in looptijd kiezen.

Maandlast versus werkelijke kosten

Let op: de maandlast alleen vertelt niet het hele verhaal. Een lage maandlast kan komen door een lange looptijd of door bijkomende kosten die in het JKP zitten verstopt. Vergelijk leningen daarom altijd op het jaarlijks kostenpercentage en niet alleen op het maandbedrag. Hoe dat werkt, leggen we uit in effectieve rente en JKP.

De maandlast handmatig stap voor stap

Wie de formule liever in stappen ziet, kan de maandlast ook met een rekenmachine benaderen. Neem opnieuw 15.000 euro tegen 6 procent over 60 maanden. Stap een: bepaal de maandrente r = 0,06 / 12 = 0,005. Stap twee: bereken (1 + r) tot de macht min n, dus 1,005 tot de macht min 60, wat ongeveer 0,7414 is. Stap drie: trek dat van 1 af, 1 min 0,7414 = 0,2586. Stap vier: deel de maandrente door die noemer, 0,005 / 0,2586 = 0,01933. Stap vijf: vermenigvuldig met het leenbedrag, 15.000 x 0,01933, wat afgerond op 290 euro uitkomt. Zo zie je dat de formule geen magie is, maar een vaste reeks bewerkingen.

In de praktijk laat je dit aan de kredietcalculator over, maar het narekenen geeft vertrouwen in de uitkomst en helpt je controleren of een aanbieder een reeel maandbedrag noemt. Wijkt de maandlast van een aanbieder fors af van wat de formule oplevert, dan zitten er waarschijnlijk extra kosten in die je in het JKP terugvindt.

Maandlast en je budget

De berekende maandlast is pas bruikbaar als je hem afzet tegen je maandbudget. Een vuistregel is dat de totale maandlast van al je leningen samen comfortabel binnen je besteedbaar inkomen blijft, met ruimte voor tegenvallers. Een maandlast die op papier net past, kan in de praktijk knellen zodra je inkomen daalt of je vaste lasten stijgen. Reken daarom altijd met marge en kijk niet alleen naar wat kan, maar naar wat verstandig is. Hoeveel je verantwoord kunt lenen, lees je in verantwoord lenen en BKR.

Wil je de maandlast verlagen, dan kun je het leenbedrag beperken tot wat je echt nodig hebt, de looptijd verlengen of een aanbieder met een lager JKP zoeken. Elk van die knoppen heeft gevolgen: een langere looptijd verlaagt de maandlast maar verhoogt de totale rente. De afweging staat in looptijd kiezen.

Zelf narekenen

Wil je verschillende scenario s vergelijken, vul dan in de kredietcalculator achtereenvolgens een ander leenbedrag, rentepercentage of looptijd in. Je ziet direct hoe de maandlast, de totale rente en het aflossingsschema veranderen. Zo krijg je een gevoel voor welke combinatie houdbaar is. Speel ook met een extra aflossing per maand om te zien hoeveel rente je kunt besparen, zoals beschreven in extra aflossen. Meer praktische vragen vind je in onze veelgestelde vragen.

Onthoud dat deze berekening indicatief is en geen financieel of kredietadvies vormt. Een geldverstrekker kan andere voorwaarden hanteren. Leen verantwoord: geld kost geld, en een lening die vandaag comfortabel voelt moet ook houdbaar blijven als er iets tegenzit.

Veelgestelde vragen

Wat lezers verder vragen

Hoe bereken ik de maandlast van een lening?
Bij een annuiteitenlening gebruik je de formule A = K x r / (1 - (1 + r)^-n), waarbij K het leenbedrag is, r de maandrente (jaarrente gedeeld door twaalf) en n de looptijd in maanden. De uitkomst is de vaste maandlast die rente en aflossing samen dekt. Onze kredietcalculator doet dit automatisch.
Waarom blijft de maandlast bij een annuiteit elke maand gelijk?
Een annuiteit is zo opgezet dat het totale maandbedrag constant is. In het begin betaal je veel rente en weinig aflossing, later draait dat om. De som blijft gelijk, maar de verhouding tussen rente en aflossing verschuift, zodat je budget elke maand hetzelfde is.
Wat gebeurt er met mijn maandlast als de rente stijgt?
Bij een persoonlijke lening met vaste rente verandert je maandlast niet, want de rente staat voor de hele looptijd vast. Bij een doorlopend krediet met variabele rente kan de maandlast wel mee bewegen met de marktrente. Lees meer in de gids over persoonlijke lening versus doorlopend krediet.
Is de berekende maandlast precies wat ik betaal?
Onze berekening is indicatief en gaat uit van de ingevoerde nominale rente. Een geldverstrekker kan extra kosten rekenen die in het JKP zitten. Vergelijk leningen daarom altijd op het JKP en zie de cijfers van deze calculator als richtgetal, niet als kredietaanbod.

Meer over dit onderwerp